De Nederlands Gereformeerde Kerken zijn verbonden met een groot aantal zendingsprojecten. De meeste daarvan zijn verbintenissen voor een korte termijn, hooguit een paar jaar. Het zendingswerk van de NGK in Zuid-Afrika dateert al van het begin van de jaren zestig van de vorige eeuw. Sindsdien zijn er tien gemeenten geïnstitueerd en er worden op 55 plaatsen in het gebied van de Zoeloes diensten gehouden.

2015-11-24 - Zingende Zoeloe broeders en zusters

De aanwezige Zoeloes maakten met hun fantastische gezang de harten warm.

Tien Nederlandse zendelingen hebben er gewerkt. Daarvan zijn nog twee over en het einde van hun verbintenis is in zicht. Maar er zijn inmiddels negen Zoeloe-predikanten aangesteld en een aantal evangelisten. Samen met de jonge gemeenten zetten zij het zendingswerk voort.

Jongeren

In de zendingsgeschiedenis is het vaak voorgekomen dat er een breuk ontstond tussen de zendende kerk en de jonge kerk. Dit is niet gebeurd in KwaZulu. Er is een goede relatie tussen de Zoeloes en de Nederlanders. In Nederland is echter een generatie opgegroeid die ‘Jozef niet gekend heeft’. Er is minder animo om bij dit langetermijnzendingswerk betrokken te zijn, vooral niet als het al door onze grootouders is opgezet. Om die reden had het beleidsorgaan voor de Zending in Zuid-Afrika (BZA) een zendingsconferentie georganiseerd. Die vond 28 november plaats in Bunschoten.

Er waren zes Zoeloes uitgenodigd, vier broeders en twee zusters. Zij hebben hun best gedaan om bij de tweehonderd aanwezigen de Zoeloezending weer op de kaart te zetten. Er waren wel jongeren, maar beslist niet genoeg. Toch heb ik negen jongelui gesproken, die laaiend enthousiast waren! Zij en de andere aanwezigen werden eraan herinnerd dat veel gemeenten lijken op een bus met een lekke band. Handelingen 2 noemt vier kenmerken van de kerk: blijven bij het Woord, de gemeenschap, de gebeden, en de zending. Als de vier banden van een bus. Als er één lek is, wie stappen er dan het eerst uit? Niet de oude dames…

Kleine kerkjes

Ds. Paul Sithole opende de dag met een woord uit 1 Samuel 18. Tegen de achtergrond van de zelfingenomenheid van Saul wees hij via de opofferingsgezindheid van Jonathan naar het offer van de grote Zoon van David. Ds. Sipho Phungula riep op om de band met de Zoeloes vast te houden. Het unieke evangelie van Jezus wordt vaak ontkend in de Afrikaanse samenleving. Miljoenen lopen achter de zwarte messias Shembe aan of vallen voor de valse beloften van gezondheid en rijkdom door Jezus. De kleine gereformeerde kerkjes blijven daartegenover vasthouden aan de dwaasheid van het kruis en de opstanding van Christus als enige hoop voor de wereld. Ze hebben de steun van ons in Nederland nodig. Niet alleen financieel, maar vooral met gebed en hulp bij de opleiding van nieuwe voorgangers.

In zes workshops kregen de bezoekers de gelegenheid om met de Zoeloes van gedachten te wisselen over de toekomst van het partnerschap, het belang en het eigene van zendingswerk in de steden, de problemen van de jeugd in Afrika en hier, kortdurende zendingtrips, de balans tussen evangelieverkondiging met de daad en met het woord, en het geheim van Afrikaanse chorussen.

Er werd fantastisch gezongen, zowel door de Nederlanders als de aanwezige Zoeloes. Vooral het lied ‘UJesu unobubele nam’ (Jezus houdt van mij) maakte de harten warm.
Laten we samen met de Zoeloe broeders en zusters de bus van de gemeente van Christus op de weg houden. Zij hebben ons nodig, wij hen. Hun enthousiasme voor het evangelie van Jezus Christus, hun offerbereidheid en hun passie voor het Woord van God zijn een heilzame stimulans voor ons.

Arie Reitsema

Dit verslag “Swingen met Zoeloes” is ook te lezen in het laatst verschenen nummer van “Onderweg”.